Klassikaal of individueel gericht?

Tekst Sjoerd Karsten
Gepubliceerd op 07-12-2018
Na invoering van de Lager-onderwijswet van 1920, met een uniform leerplan voor elke leerling, slaat de twijfel toe. Zou meer individueel onderwijs toch beter zijn? In Engeland wordt in het daltononderwijs een middenweg gezocht.

Vóór de komst van het klassikale onderwijs in de negentiende eeuw maken scholen nogal eens een chaotische indruk. Dat is goed te zien op schilderijen van Jan Steen en zijn tijdgenoten. Een wirwar van kinderen, jong en oud door elkaar, een meester die de leerlingen om beurten bij zich roept om wat uit te leggen en nieuwe opdrachtjes te geven, met een plankje in de hand om zo nu en dan een tik uit te delen. Grote voorvechter van een geheel nieuwe en meer efficiënte aanpak is de vrijzinnige en verlichte Maatschappij tot Nut van ’t Algemeen, opgericht in 1784. Het Nut werkt vol overgave mee aan de negentiende-eeuwse overheidscampagne om de klassikale methode te bevorderen waarbij de onderwijzer, onder strikte orde in de klas, alle kinderen tegelijk lesgeeft. Maar wanneer de ‘eeuw van het kind’ in 1900 zijn intrede doet, is het nieuwe van het klassikale systeem er alweer af en worden de eerste haarscheurtjes zichtbaar. Er komt kritiek. De roep om een individuele, leerlinggerichte benadering wordt luider.

Na invoering van de Lager-onderwijswet van 1920, met een uniform leerplan voor elke leerling, begint ook het Nut openlijk te twijfelen. Zou het misschien toch beter zijn om meer individueel onderwijs te geven? Het eerbiedwaardige Nut vraagt de kersverse hoogleraar Pedagogiek Philip Kohnstamm om raad. Deze concludeert samen met het oud-schoolhoofd Adriaan Gerhard in 1923 dat de ‘eenheidsschool’ in sociaal opzicht weliswaar een stap vooruit is, omdat ieder kind de gelegenheid krijgt hetzelfde te leren, maar er is wel een nieuw didactisch probleem geschapen: voor de een ligt het tempo te hoog, voor de ander te laag; voor de een is de lesstof te gemakkelijk, voor de ander te moeilijk. Kleine verschillen vormen volgens hen geen bezwaar, want leerlingen kunnen ook van elkaar leren. Maar een te groot verschil kan het gezamenlijke leerproces verstoren. Daarom pleiten zij voor meer ruimte in de wetgeving om te experimenteren.

 

Nederlandse herenclub
reist uit om Engelse
werkwijze te bekijken

 

Zelf zijn zij vooral gecharmeerd van het zogenoemde daltonsysteem, dat een middenweg zoekt en al in Engeland bestaat. Reden voor het Nut om Kohnstamm met een gezelschap ‘bekwame onderwijsmannen’ in 1924 naar Londen te sturen om poolshoogte te nemen. De herenclub is enthousiast over de lossere werkwijze die zij daar in een dozijn overwegend privéscholen zien. Eenmaal terug weten zij de minister te overtuigen om een aantal experimenten toe te staan. Deze lijken een succes, hoewel de meeste schooltjes vooral een elitair publiek trekken. De inspectie is weliswaar positief, maar constateert dat de gunstige resultaten zich alleen voordoen als het nieuwe systeem met bezieling wordt toegepast.

Leraren op volksscholen zijn veel minder enthousiast. De afdeling Amsterdam van de Bond van Nederlandse Onderwijzers brengt een kritische brochure uit. Vooral Theo Thijssen, bestuurder van de bond, uit zijn grote ergernis over ‘de kermistent-achtige reklame-kampagne’ waarmee de vernieuwende, meer geïndividualiseerde onderwijsmethoden aan de man worden gebracht. Hij verdedigt vol vuur het klassikale onderwijs. Hij is van mening dat een goede onderwijzer ook binnen het klassikale stelsel rekening houdt met individuele verschillen, als de klassen tenminste niet te groot worden.

Dit ideaal draagt hij uit in zijn beroemde roman De gelukkige klas: ‘De klas is een stukje gemeenschap dat als individu optreedt. Telkens als een van de kinderen spreekt, geschiedt dat op een wijze waarin ik voel: jij spreekt namens het hele stel. (…) En tegen wie spreek ik? Ook niet tegen een kind afzonderlijk, dat lijkt maar zo; ik spreek tegen de klas als geheel. De klas heeft een eigen ziel.’


Sjoerd Karsten is emeritus hoogleraar Onderwijskunde. Bekijk alle korte docu’s en lees alle blogs in het dossier van Sjoerd Karsten.

Op 15 december organiseert Stichting Theo Thijssen in Amsterdam het symposium De gelukkige klas

Verder lezen

1 Sjoerd Karsten

Een ogenblik geduld...
Click here to revoke the Cookie consent